Ruim zestig jaar geleden kreeg ik voor de eerste keer een rol als voorzitter in mijn schoenen geschoven. Als hoofdredacteur van de schoolkrant leerde ik de eerste fijne kneepjes van luisteren, verbinden, bemiddelen, knopen doorhakken, gas terugnemen, doorgeven, aanjagen, halt toeroepen en stimuleren….Vooral dat laatste is me sindsdien bijgebleven.
Het was verantwoordelijk vrijwilligerswerk op school. Met veel lol, zodra er weer een krantje van de drukpers rolde in de conciërgerie. Met kritiek en veel commentaar op van alles en nog wat, en tegelijkertijd in open verbinding met de gezaghebbende buitenwereld: de rector, docenten en conciërges. En ook de incidentele sponsors van het krantje, plaatselijke middenstanders.
Deze week hanteerde ik voor het állerlaatst een echte voorzittershamer. Van een vriendenclub, vol met gepensioneerden, ooit drukke en bezige baasjes. En nu vooral doende met getuigen van kennis rondom grote thema’s uit wetenschap en literatuur. Nooit te beroerd om een pittig onderbouwde opvatting te berde te brengen over de majeure vraagstukken van onze tijd. De vervulling van dit voorzitterschap was ook een waar genoegen. Een bijzondere stropdas mocht ik in ontvangst nemen.
Geen verantwoordelijkheid meer. Het werd stilaan tijd.
Terugblikkend vermoed ik dat de noodzakelijke vaardigheden om deze oudere heren bij de les te houden, nagenoeg dezelfde zijn als die ik nodig had toen ik de schoolkrant aanstuurde, alhoewel dat woord toen nog moest worden uitgevonden. Het maakt kennelijk uiteindelijk geen fluit uit waar, wanneer, en onder welke omstandigheden je probeert de boel bij elkaar te houden, te enthousiasmeren en tot daden en activiteit te motiveren. Achteraf bezien een hele geruststelling. Door de jaren heen heb ik dat toch nauwelijks ooit als simpel ervaren.
De voorzittersrol is fascinerend en tegelijkertijd zeer inspannend.
Ooit begaf ik mij naar een lommerrijk gelegen vergaderplaats met een ingewikkelde agenda in mijn tas, en vooral in mijn hoofd. Het zou er om spannen. Complexe dossiers. Pedalerend begaf ik mij vrolijk door de Brabantse bossen op weg naar mijn conferentie. Ter plekke aangekomen verscheen op één na, geen van de genodigden. Stil protest. Lege handen. Of die keer dat ik gevraagd werd een meute van zo’n 250 studenten in toom te houden bij het bezoek van een, hen onwelgevallige minister. Luid protest. Handen meer dan vol.
Geen van de vele honderden vergaderingen die ik mocht leiden, had ik willen missen. Leerzaam en opwindend: oog in oog met de medemens. De stropdassen zeg ik vaarwel, op die nieuwste na. Die hang ik zichtbaar op, als stille getuige van een leven vol communicatie….


Mooie stropdas, mooie terugblik.
Zelf heb ik vooral mooie herinneringen aan het runnen van het secretariaat.
Contacten onderhouden en versterken.
Vergaderingen voorbereiden en het resultaat mogelijk maken.
Vriendelijke groet,
LikeLike