Het fraaie kunstwerk op de kop van de Eindhovense John F. Kennedylaan moet daar na 25 jaar wijken voor ‘de bus’.
De voorgenomen stedenbouwkundige aanpassingen aan de noordkant van het Eindhovense Centraal Station zijn gigantisch. Alles moet opzij vanwege de vooruitgang, de ontwikkeling, de groei, en niet te vergeten: de herinrichting van Fellenoord, de terecht verguisde binnenstedelijke autostrade. Gelukkig verdwijnt deze monsterlijke grijze asfaltvlakte waarop auto’s kunnen voortrazen, en dat dan ook nog eens dwars door de stad.
Er ontstaat een nieuw (OV)-knooppunt waar gasten van de stad, voetgangers, fietsers, aanwonenden ( straks duizenden! ) zich kunnen verplaatsen: langzaam en toch aangenaam en vlot,. Zonder al te dol en vervreemdend autoverkeer.
De Flying Pins, het ooit zo verguisde kunstwerk van Coosje van Bruggen en Claes Oldenburg. De verzonken bowlingbal met tien kegels die in één keer werden geraakt. Het vormt inmiddels een eyecatcher bij de entree van de stad. Oriëntatiepunt, meeting point, iedereen kent ze.
Dat was ooit wel anders. Er waren protesten te over toen bekend werd dat de Gele Kegels zo’n prominente plaats zouden krijgen. Belachelijk: is dat kunst, en zó duur !? Inmiddels zijn ze niet meer weg te denken uit het stadsbeeld en vormen een geliefd en markant cultureel monument.
De Flyjng Pins verplaatsen? Dat kan maar één kant op: in noordwaartse richting. De vanzelfsprekendheid van deze keuze is onvermijdelijk. Óp weg met deze icoon van kunstzinnige vorming naar de kruising van de John F. Kennedylaan met de Onze Lieve Vrouwestraat. Aan de buitenkant van de rondweg. Gewoon opschuiven alle kegels. Nog geen kilometer verderop. En wederom op de kop van de John F. Kennedylaan.
Als markering aan de buitenrand van een uitdijende binnenstad. Weet geachte automobilist: hier houdt de A50 écht op. Rustig aan verder de stad in, bij voorkeur stapvoets. Eindpunt van het autoverkeer dat zich voortaan bij de pins zijn weg zoekt op de rondweg, tegenwoordig ook wel Ring genaamd. West- dan wel oostwaarts, en bij hoge uitzondering nog verder de stad in.
Een unieke kans om het snelverkeer nog verder op een sympathieke wijze de binnenstad uit te duwen. Leve de Flying Pins als symbolen voor een verdere verlangzaming, humanisering zo u wilt, van het leven in het centrum van een metropool. Een stad die de komende jaren in sneltreinvaart zal groeien.
Rustpunten voor het oog zullen we daarbij nodig hebben. Kunstwerken vervullen die functie bij uitstek. Zéker aan de drukke rondweg…..


Het is speciaal voor de locatie bedacht. En het zou moeten wijken voor een parkeerplaats die weer overbodig wordt wanneer er zelfrijdende bussen komen. De bussen kunnen toch ook gewoon geparkeerd worden bij de remise bij de Berenkuil?
LikeLike