Ooit logeerde ik aan de Hoefkade in Den Haag. Indertijd een beruchte no go area in de deftige, ja bijna aristocratisch aandoende Hofstad. Hooligans van ADO en op rellen beluste hangjongeren uit de Schilderswijk vormden de enige mogelijke sociale rimpels in het referentiekader dat ik had opgebouwd rondom de residentie.
Een vriend van me had er bij gebrek aan beter zijn intrek genomen. De helft van twee kamers ensuite. Op de begane grond: wel zo praktisch en eenvoudig bereikbaar. Waar zich de open verbinding tussen de twee kamers had bevonden, was een wandje van spaanplaat geplaatst. De huisjesmelker had weet van eenvoudige exploitatiesaldi.
Na een avondje stevig stappen in de louche buurt, waren mijn indrukken meer dan voldoende om van een heerlijke nachtrust te willen gaan genieten. Plattelander als ik was, genoot ik van de Randstad vooral op afstand. Nachtleven van de meer ordinaire soort, was voor mij nieuw.
Er werd een gammel soort ‘kermisbed’ tegen de wand met de buren geplaatst. Een mooie plek. Eenmaal comfortabel in mijn slaapzak, klonk er nogal wat gestommel. Alsof er een verhuizing aanstaande was. Er bleek onmin bij de buren ensuite. In plat, voor mij onverstaanbaar en zéér luid ‘Haags’ werd er een soort gesprek gevoerd. Op enig moment bedreigde de buurman zijn gast, of andersom, met een wapen. Zo leek het. Onder de heldhaftige uitroep ‘ ik schiet, ik schiet’ klonk zijn opgewonden stemgeluid van zeer nabij.
Mijn kameraad kende de indeling van de kamer van zijn buurman vrij nauwkeurig. Hij maande me om snel onder mijn kermisbed weg te duiken. Met gevaar voor eigen leven dook ik met mijn slaapzak naar beneden. Op nog geen meter afstand, vlak áchter het spaanplaat, werd er flink op los getierd. Bij een mogelijk schot, zo verbeelde ik me, zou de kogel dwars door het spaan heen suizen, en mij ongetwijfeld rechtstreeks in mijn hart raken. Ik stond doodsangsten uit.
Na veel lawaai en gedoe legden de heren in de aanpalende kamer hun vete weer enigszins bij. Met de buitendeur werd geslagen. Nachtkroegen waren ongetwijfeld nog open.
Den Haag, stad van recht en vrede, ben ik blijven associëren met mijn indrukwekkende nachtelijke avontuur. Ik moest er aan denken bij het zien van de hekken die de stad nú sieren. De politieke elite van het vrije westen komt er dezer dagen op bezoek. Ik raad hen aan weg te blijven van de Hoefkade. Nòg meer spanning kunnen we er echt niet bij hebben…..

foto: defensie.nl

Mooi verhaal!
Mijn alcoholische uitstapjes hebben mij nog nooit daar Den Haag gebracht.
Stille groet,
LikeLike