Waar werd er sneller en fraaier ‘rond de kerk’ getoerd dan in Stiphout? Waar vormde de kroeg het absolute episch centrum van een héél echt rondje wielrennen? Dus volgende week ‘de Stip’ weer als middelpunt van wielrenminnend Nederland en Vlaanderen? Niets daarvan.
Oog in oog stond ik er ooit met Lance Armstrong, maar ook Thomas Dekker en Chris Froome zag ik er op de snelle wielen tientallen keren op ‘n avond langs de trottoirs flitsen. Niks meer van dat alles.
Geen overvolle terrassen, veel biertentjes en friteskramen. Files en gedrang om maar dicht bij de renners in de buurt te kunnen komen. Geen dag vol met sport voor de liefhebber, ‘n omroeper waar je eigenlijk niet écht naar luisterde. En al wandelend langs het parcours genoeglijke ontmoetingen met bekenden uit de streek.
Sinds 2014 is het afgelopen. Amen en uit. Te weinig beschikbare financiën bleek uiteindelijk het doek dat viel over een prachtige traditie in de Peel. Ondanks bierbrouwer Bavaria uit het buurdorp Lieshout als enige overgebleven grote sponsor, bleek het tóch noodzakelijk om de stekker uit de kassa te trekken.
Het Friese Surhuisterveen ging er met de ‘dinsdaglicentie’ vandoor. De profronde wordt er inmiddels jaarlijks gepresenteerd onder de trotse slogan: ‘…als vanouds…’ Nou vraag ik je.
Jarenlang kon je reikhalzend uitzien naar hét wielercriterium in Brabant, de kermiskoers op het allerhoogste niveau. Toppers uit de laatste Tour de France kwamen er hun opwachting maken en ‘n ererondje rijden.
Tussen het stroomgebied van de Dommel en de Aa werd er gefietst dat het een lieve lust was. Tot wel dertigduizend bezoekers per jaar trok het wielerfestijn. Vingegaard had er Pogacar ongetwijfeld nog eens flink op achterstand willen zetten.
Gelukkig is er sinds 1970 nog Daags na de Tour in Boxmeer en, sinds 1933(!) de (pr)Acht van Chaam in diezelfde week op woensdag. Plaatsen in Brabant waar de rijke wielertraditie van dit gewest in ere wordt gehouden. Met ongetwijfeld veel kruim om de organisatie rond te krijgen.
Jammer hoor dat Stiphout niet langer meer éven, voor enkele uren, hét coureurcentrum van Europa is. De verwaande en eigenzinnige poot binnen de Helmondse gemeentegrenzen had ‘t verdiend. Zo veel als Helmond zich stad voelt, zo weinig voelt Stiphout zich ‘n wijk binnen die gemeente.
Misschien is het naar hedendaagse begrippen toch teveel het Wassenaar van Helliemond geworden.
En dán doe je dus niet aan ‘koersen’…..

